Archief door auteur
6 januari 2014

Laatste weken storms river en bezoek Frouwkes ouders

In Capetown merken we eigenlijk niet eens zoveel van het overlijden van Mandela op straat. Er zijn wel een paar plekken waar kransen liggen en waar je een berichtje kunt achterlaten, maar echt druk is het niet. Op het nieuws en in de kranten gaat het nergens anders over, natuurlijk, maar wij zien vooral berusting op straat en opluchting dat hij na al die maanden op sterven na dood zijn nu eindelijk rust heeft. Onze geplande maar niet gereserveerde trip naar Robbeneiland kan niet doorgaan, want dat is nu natuurlijk in een klap helemaal volgeboekt. We vermaken ons met rondlopen in de super luxe mall bij de Victoria wharfen de pittoreske bo-kaap met zn gekleurde huisjes, en met heerlijke sushi eten! De tweede keer Capetown geeft ons al echt een beetje een ‘thuis’ gevoel: echt een heerlijke stad dit! Voor ons veel onspannender (Europeser?) dan andere steden hier, en zwart/wit/coloured/gay/straight lekker allemaal door elkaar.

Terug naar Stroms River gaan we in een volgepakte grey hound, die de hele nacht door rijdt en ons om half 4 ‘s ochtends afzet. Het is dan net licht aan het worden, dus we lopen gewoon lekker een uur door het bos naar huis. Later horen we dat we ook gewoon de lokale politie hadden kunnen bellen; die komen je dan ophalen bij de halte en brengen je naar huis. Luxe voor ons, maar ze hebben eigenlijk ook haast niets te doen hier ‘s nachts en t schijnt hier heel normaal te zijn.
Thuis kijken we met de hele buurt naar de toespraken over, en later naar de uitvaart van Mandela (die ze hier steeds al Madiba noemden, naar zijn stam, wat nu geloof ik in de rest van de wereld ook gedaan wordt). Ook nu overheerst dankbaarheid het verdriet, chaos die we eigenlijk verwacht hadden blijft uit; het leven ligt niet stil of zo. De grote klap is eigenlijk een half jaar geleden al gevallen hier, toen hij opeens zo ziek werd, nu zijn mensen vooral blij dat zn lijden eindelijk voorbij is.
Verder is het een tijd van afscheid nemen; nog een keer een voetbal toernooi met Job als keeper, wat weer glorieus gewonnen wordt, maar waar de beloofde cup weer uitblijft. Nog een keer een braai met de hele buurt, een braai, met Elzette onze begeleidster, nog even heel hard werken om  boeken te maken voor de begeleiders en de kinderen voor de komende kids in parks waar we zelf niet meer bij gaan zijn. Wat is dat halve jaar snel gegaan! Vreemd hoor.. En ook wel wat verdrietig; we zijn nu zo ingeburgerd hier en hebben zoveel leuke mensen ontmoet waarmee de vriendschap steeds hechter wordt, het weer is nu over het algemeen echt heerlijk, het kalme rustige ‘makkelijke’ leven hier werkt best verslavend en de komende kinds in parks was echt nog een leuk ding geweest om te kunnen doen als vrijwilligers. We kijken ook echt uit om in Nederland iedereen weer te zien en daar weer nieuwe dingen te gaan doen en beleven, maar het voelt toch een beetje als op het hoogtepunt weggaan, wat natuurlijk ook wel voordelen heeft…
Gelukkig komen Jan en Jesse op bezoek de laatste weken hier, voordat job en ik samen nog op pad gaan voor we terug vliegen. Dat zorgt voor veel afleiding en veel gezelligheid. We vieren mijn verjaardag en kerst deels in Addo elephant park, zo’n 400 km naar het oosten. Behalve grote kuddes olifanten die we in grote getalen bij de waterpoelen zien badderen (soms meer dan 150 olifanten bijeen poeltje) zien we ook zebra’s, buffels, kudu, hartebeesten, heel veel wrattenzwijnen, mestkevers die grote ballen stront over de weg rollen, een prachtige weinig geziene ‘rooikat’ (caracal) en twee prachtige mannetjes leeuwen, vlak naast de weg. Aan hun wonden en hun gedrag te zien hebben ze net geknokt en liggen ze nu wat na te hijgen, zonder zich ook maar iets van de stoet auto’s om hun heen aan te trekken. Het landschap is niet zo mooi als in mapungubwe, en de eerste dag is de lucht wat grijsen regent het regelmatig, maar kwa wildlife worden we echt verwend. Wel vreemd om geen impala’s te zien hier! Ze komen hier niet voor, net als giraffen trouwens; de lage bosjes hier zijn niet geschikt voor dat soort lange nekken.
We slapen buiten het park op een prachtige citrus boerderij waar we heerlijk kunnen braaien, en met kerst zelf eten we een kerst lunch in het restaurant van het park.
Daarna rijden we terug naar storms river, nog in de middag zodat we de drommen dronken automobilisten die later op de dag na de kerst festiviteiten de weg op schijnen te gaan gelukkig missen. De paar dagen daarna laten we Jan en Jesse op t gemakje de mooiste plekjes van Tsitsikamme zien; storms river mouth, goesa trail, de big tree, Natures valley. Bij die laatste isJob er niet bij, omdat hij met onze vriend en buurman Storm de Storms River Peak aan het beklimmen is, iets wat al heel lang op het to-do lijstje stond.  In de hitte, want het is een erg warme dag. Met net te weinig water, maar gelukkig kan het bovenste laagje van modderige poeltjes ook gedronken worden en komen ze heelhuids terug. Ook uitgebreid braaien en kennis maken met de buren, vooral de kinderen, staat op het programma. Voortdurend hebben we 4 kinders over de vloer, die op hun allerschattigst proberen je wijnglas leeg te drinken, en dan weer over de tafel uitspugen natuurlijk, het is een gezellig gedoetje. Vlakvoorwe weggaan delen we natuurlijk wat kadootjes uit: een koffiepotje voor de buurvrouw die ons altijd vers gebakken broodjes bracht en die zo van echte koffie houdt, een prentenboek kerstmuts en andere frutsels die we verzameld hebben voor de kids, en al het eten dat over is verdelen we over onze buren. Kadootjes geven is leuk! Afscheid nemen niet, maar dan is het toch echt zo ver, en rijden we (voor altijd?) weg uit storms river.
Weg uit de Garden route, de bergen over naar het drogere gebied daarachter.  Wonder boven wonder passen we alle vier met koffers in de auto, maar de koffers zetten we wel vast af in ons guesthouse in willowmore (met prachtige kamers,heerlijk eten en een oud landhuis vol oude snuisterijen en foto’s uit de tijd van de boeren republieken, super koloniaal en dus eigenlijk super fout, maar toch ook wel cool) voordat we de onverharde baviaanskloof inrijden. Een prachtige tocht; eerst al over de outeniqua bergen naar Willowmore in de klein Karoo, dan door de rotsen van de baviaanskloof, allemaal lekker over onverharde wegen natuurlijk. De volgende ochtend droppen we dezelfde grote lading koffers in een backpackers in Oudtshoorn, en rijden we een rondje via de Meiringen kloof en een heerlijke lunch inPrins Albert uiteindelijk over  de swartbergpas. Job en ik waren er al geweest, maar het landschap is echt prachtig, en met Jan als geologische interpretator erbij weer een hele andere ervaring!
8 december 2013

Mapungubwe

Aangekomen in Joburg worden we opgewacht door Milanie van GVI, en verrassend genoeg ook door een groepje van 4 Duitse 18 jarigen. We wisten niet dat onze reünie gecombineerd zou worden met een andere groep, en in het begin valt dat even tegen, omdat ze zo jong zijn (net klaar met middelbare school) en vooral omdat ze steeds stug Duits blijven praten met elkaar, een beetje vreemd in een groep met 1 zuid afrikaan, 2 Nederlanders, 1 Engelsman en een Australische. Uiteindelijk trekt dat gelukkig wel wat bij en is het best gezellig, maar het is toch vooral heel leuk om Alintha en Jon en Milanie weer te zien, het groepje waar we de eerste 2 weken in Kruger ook mee begonnen waren.

Van Joburg naar Mapungubwe

Er worden natuurlijk heel veel verhalen uitgewisseld, waar we ook ruim de tijd voor hebben want het is 7 uur rijden is een volgepakt gammel busje, van Joburg naar Mapungubwe, helemaal aan de grens met Zimbabwe en Botswana. Het blijkt al snel dat de ervaringen enorm verschillen. Alintha heeft het is de rotsige hitte van Augrabies heel druk gehad met projecten, en heeft heel veel plezier gehad met haar werk, maar aan de andere kant leeft ze heel erg afgelegen en heeft ze eigenlijk bijna niemand leren kennen daar behalve haar begeleidster. Ze blijft voor een hele jaar en heeft nog even de tijd, maar dat is wel heel anders dan onze ervaring met eigenlijk vrij weinig werk maar heel veel sociale contacten. John heeft echt best wel pech gehad: in zijn eerste park Bontebok was zijn begeleidster met zwangerschapsverlof en kwam daarna niet meer terug, waardoor hij echt compleet niets te doen had. Ook zijn accommodatie was erg slecht en Bontebok park is echt piepklein. Uiteindelijk is hij in opstand gekomen, en is hij na 2 ,5 maand overgeplaatst naar West Coast national park, het park waar wij eerst heen zouden gaan. Dat was wel iets beter, maar er was nog steeds haast niets te doen, en alle groepen kinderen die daar het park in komen zijn witte kinderen van rijke private schools, wat natuurlijk eigenlijk helemaal niet de bedoeling is. Job en ik waren al met al erg blij dat we onze plaatsing in West Coast niet geaccepteerd hadden! We hebben het absoluut werk technisch niet zo uitdagend gehad als Alintha, maar juist onze contacten met buren en vrienden van alle achtergronden maakten ons verblijf zo gaaf.

Bontebok

Grotere kaart weergeven

Het enige soort van minpunt wat we ons wel weer beseffen op deze reis naar het noorden, is hoe weinig ‘Afrikaans’ de Garden Route en sowieso de hele West Kaap en ons stukje Oost Kaap aanvoelt. De landschappen zijn prachtig, maar toch totaal niet zoals je je Afrika voorstelt, en de cultuur ook niet echt. Onderweg naar het noorden komen we door landschappen die echt 100% Afrika uitstralen, met drukke stadjes onderweg waar alleen maar zwarte Afrikanen wonen, stalletjes met fruit en vers geroosterde kippen lang de weg.. (Zo vers zelfs dat we er een zien ontsnappen, maar die wordt door een stel kindertjes snel weer gevangen en terug aan moeder gegeven om te killen en te plukken en daarna te roosteren). Bij ons in de buurt zijn wel townships en zo, maar deze gezellige chaos die zo super Afrikaans aandoet kennen we niet van onze omgeving. Waarschijnlijk hebben we daardoor ook weer zo makkelijk vrienden kunnen maken, maar terwijl we door dit landschap rijden voelen we wel even een steekje van…zeker geen spijt, maar meer iets van  ”Hoe cool was het geweest als we hier hadden gezeten”. De rest van ‘diep donker Afrika’ zien blijft zeker op ons wensenlijstje staan.

Pech onderweg

Ongeveer halverwege krijgt ons busje een lekke band, maar met behulp van Job en een steen als aanvulling op de slechte handrem is dat redelijk snel gerepareerd.
Mupungubwe zelf is ook prachtig: het lijkt een klein beetje op het Krugerpark, maar met wat minder veel wilde beesten. Er zijn geen buffalo, cheetah of wild dogs, officieel wel leeuwen maar zo weinig dat de kans dat je er een ziet bijna nihil is (net zoals bij luipaarden trouwens, die zitten in heel zuid Afrika, ook bij ons in de Garden route en hier in Mupungubwe, maar de kans dat je ze ziet is heeeel klein). Er zijn wel giraffen, olifanten, neushoors, wrattenzwijnen, zebra’s super veel soorten bokkies, allerlei soorten vogels dus al met al is er genoeg te zien, zeker omdat het nu lente is geweest en er dus overal kleintjes rondlopen. Een baby impala is echt gewoon super cool om te zen, ook al hebben we al 1000en volwassen exemplaren gezien, voor een bambi achtig baby impalaatje stoppen we toch de auto! Ook baby girafjes, olifantjes, zebraatjes in het park zijn allemaal super cute om te zien.
MapungubweHillMaar vooral het landschap van Mapungubwe is ronduit geweldig. Mooier nog dan Kruger, met prachtige uitzichten, rode rots formaties, en boven alle andere boompjes en planten uitstekend: baobabs! Wat een geweldige bomen zijn dat!met super dikke vette stammen, en dikke takken als een soort mollige baby armpjes. Een groot deelvan het jaar zijn die takken kaal, maar het is hier nu regenseizoen, dus alles wat groeit is groen, zo ook de baobabs. Ook de Rock Figs vind ik trouwens prachtig, hoe ze zich met hun wortels vast lijken te klampen in de kleinste spleten, en dan als een soort rijzend brooddeeg uitpuilen met diezelfde wortels om maar houvast te hebben… Wat een omgeving!

Olifantenstront

De restcamps waar we overnachten zijn ook prachtig, veel ruimer en meer luxe dan Kruger, en zonder hek er omheen! De eerste 3 nachten slapen we in het main restcamp, in een groot luxe huis, met veranda en het beste: een douche buiten, met houten stammetjes er o heen waar je overheen kan kijken naar het landschap om je heen: prachtig!  ’s Nachts komen de olifanten langs ( te zien aan hopen stront en vernielde takken de volgende dag). De laatste nacht slapen we in een ander gedeelte van het park, in een ‘tentenkamp’. Nou ja, tenten, het dak is tentzijl, de onderkant hout met eigen keuken en badkamer, weer luxe en prachtig. Behalve game drives en wandelingen bezoeken we het museum daar, want Mapungubwe is vooral beroemd en wereld erfgoed vanwege Mupungubwe hill, waar de resten zijn gevonden van het eerste zuidafrikaanse koninkrijk. Ongeveer 1000 jaar geleden. Artefacten uit graven en opgravingen worden tentoongesteld in het museum, en we krijgen ook een tour naar de heuvel zelf. De koninklijke familie leefde boven op de heuvel, de gewone mensne aan de voet van de heuvel. Op de heuvel zijn nog oude voorraad kamers in de rots uitgehouwen en gaten in de roten om palen in te zetten, en zelfs een soort oud spel met kleine kuiltjes in de rots met steentjes erin te zien. De gids is erg goed, en heeft een goed logisch kloppend verhaal met veel humor, een stuk beter dan we in Kruger hadden.

(Weer) pech onderweg

Om een nieuwe reserveband te halen gaan we met een klein groepje naar Musina, het dichtbijzkijndste (70 km) wat grotere dorp, vlak aan de grens. Milanie vindt het er maar eng, de borden langs de weg met “don’t stop high crime zone” helpen vast ook niet. Ik vind het eigenlijk juist wel gaaf: het is hier ongetwijfeld crimineel (veel neushoorn stropers schijnen hier de grens over te gaan)en ‘ s nachts of in m’n eentje zou ik het misschien niet zo fijn vinden, maar in een busje met 6 mensen is het juist een avontuur! Het is echt een ‘wilde westen’ achtige chaos, overal verkeer op de stoffige wegen, stalletjes met eten en spulletjes langs de weg en mensen die met dozen gekookte eieren rondlopen. Je kan zo’n ei kopen per stuk, wat kruidenzout erover en dat is dan een lekker snackje natuurlijk.  Ik kijk m’n ogen uit! Twee dagen later hebben we trouwens weer een (andere) lekke band, dus de trip naar Musina op zoek naar een reserveband was zeker niet voor niets.
Ondertussen is Jon steeds opzoek naar slangen overal, want hij is gek op die beesten, maar natuurlijk ben ik degene die ‘s nachts bij het licht van m’n telefoon naar huis loopt en een super grote lange black mamba tegen komt midden op het pad… Ik had natuurlijk een foto moeten nemen maar in plaats daarvan ben ik gillend en vloekend weggerend, ik schrok me echt dood. De slang ook want als we even later met Jon terugkomen is hij nergens meer te bekennen.

Nelson Mandela

De laatste ochtend 6 december vlak voor we terug rijden horen we van Milanie dat Nelson Mandela is overleden, best onwerkelijk. Alle kranten gaan erover,en overal hangen teksten en zo, maar bij de mensen zelf merken we niet veel. We vliegen morgen van joburg naar Capetown, misschien dat er daar meer te merken is, of anders straks thuis in de Eastern cape waar Mandela vandaan komt.. Voor nu sluiten we onze week af met een bezoekje aan de GVI thuisbasis in het private reservaat Karongwe, waar de meeste andere  projecten van GVI plaatsvinden (en waarvan we blij zijn dat we daar niet tussen zitten; 35  man in slaapzalen in een best klein gebouw, zonder contact met de lokale bevolking).
27 november 2013

Ottertrail

Na het prachtige weer tijdens het bezoek van Jobs ouders volgens 4 dagen van alleen maar keiharde tropische regen. De rivieren staan twee keer zo hoog als normaal en storten woest naar beneden. Na de regen breekt de zon gelukkig weer door, en beginnen er bovendien opeens overal paddestoelen hun kop op te steken. Onder andere eetbare eekhoortjesbroden, onder de eiken langs onze ‘straat’ die we dankbaar plukken en heerlijk oppeuzelen. Ik vraag me af of hun groei getriggered wordt door de regen? Of dat deze, oorspronkelijk uit Europa geïmporteerde organismen nog een soort natuurlijke klok in zich hebben, die ze vertelt dat het nu ongeveer herfst is, en dus tijd om te groeien? Op zich wel vreemd, want de eikenbomen die ook uit Europa komen, hebben niet zo’n jetlag en laten braaf in de herfst (dus mei) hun blaadjes vallenen krijgen nieuwe in oktober. Misschien reageren de bomen op licht, daglengte of zo, terwijl paddestoelen geen licht nodig hebben om te groeien, en hun ritme daarom misschien niet aanpassen? Interessante vragen, als je een bioloog bent tenminste…

Ottertrail

Een paar dagen later krijgen we een heel interessant aanbod: een van de stagiaires gaat de Ottertrail lopen met gps, om de coordinaten van nooduitgangen, waterstroompjes en mooie uitzichtpunten en zo vast te leggen, of wij misschien mee willen? Dat willen we natuurlijk maar wat graag, Ottertrail is beroemd, zo erg zelfs dat hij al een jaar van tevoren volgeboekt zit. 5 dagen wandelen langs de kust, met maximaal 12 mensen tegelijk en onderweg overnachten in afgelegen hutjes.
Push the button:
Wij doen het een beetje anders: aan het eind van de dag klimmen we bij een nooduitgang omhoog waar we worden opgepikt, naar huis gebracht en de volgende dag weer worden afgezet. De extra klim naar de nooduitgang maakt het wat zwaarder, maar wij hoeven niet voor 4 dagen baggage en eten mee te sjouwen dus al met al hebben we het niet zo slecht. Uiteindelijk lopen we met een hele groep: Phumla gaat ook mee ‘voor de leuk’, en maar liefst 5 environmental monitors wijzen ons de weg. Dat is de bedoeling tenminste, maar al snel blijkt het tempo van de meiden te langzaam voor ze, en lopen ze een groot deel van de tijd ver voor ons uit. Behalve als we een rivier over moeten steken, want dat vinden de meiden onder de monitors doodeng. Is ook niet zo gek aangezien ze allemaal niet kunnen zwemmen, dan is snelstromend water rond je middel of zelfs tot op je borst ook best spannend natuurlijk. Dan komt job weer goed van pas, twee keer loopt hij met een huilend meiske een rivier over.
camp_layout_07
gh201146173116De wandelingen zijn prachtig. De ene dag lopen we vooral door de prachtige bossen, met af en toe opeens een uitstekende klif en uitzicht op zee waar de walvissen vrolijk rondspringen, andere dagen volgen we de kust langs de rotsen met overal bloeiende bloemen, en het laatste stuk is door een prachtig stuk fijnbos met zoveel bloemen en kleur dat je je ogen uitkijkt. Het pad klimt en daalt af en toe aanzienlijk: vlak langs de kust ligt een hele dunnen rotsige kuststrook van maximaal 30 meter, daarna begint het kustplateau wat weer 50-100 meter hoger ligt. Het pad daalt en stijgt steeds terwijl het zich een weg zoekt langs de kust, beginnend bovenop het plateau bij de Stormsriver mouth, en eindigend op het strand van Natures Valley.
In het weekend tussendoor, met nog 1 dag lopen te gaan op maandag, maken we gebruik van het prachtige weer voor een dagje strand , met Zee en Phumla, de twee interns. Super gezellig ontspannen, en lachen om de uitgebreide fotoshoots die de meiden van elkaar maken. Ook tijdens de ottertrail zelf wordt er bij mooie stops vaak een hele modellenshoot gedaan door de meiden, geweldig grappig om te zien.

Chillen in Natures Valley

De laatste dag zijn een aantal van de environmental monitors eigenlijk vrij, en hebben dus gefeest op zondag avond, niet geslapen, en hebben toen het brilliante idee gehad om toch de trail uit te lopen. Dus die maandag gaan we in de stikkende hitte op pad met in ieder geval 1 stomdronken dame. Niet vreemd dat dit de enige dag is dat we lang lang voor de environmental monitors op het eindpunt aankomen, maar op zich wel respect dat ze überhaupt de wandeling in de brandende zon weten af te maken. In Natures Valley kan je heerlijk zwemmen, dus we vermaken ons prima aan het eindpunt; lekker afkoelen, mensen (vooral Phumla) in het water gooien, en job geeft zwemles aan de dames, die enthousiaste leerlingen blijken te zijn al vinden ze het wel doodeng. Al met al een geweldige ervaring.

Ajax – Barcelona

De rest van die week zitten we in Wilderness om Muneer (de p&c manager daar) te helpen met het voorbereiden van kids in parks. Vrijdag hebben we vrij genomen om met Mel en Gerard en Gabriel te surfen en te relaxen, en we hebben voor die dagen ook een luxe huisje gehuurd voor 4 personen in het Wilderness restcamp, in plaats van de erg basic rondavels waar we normaal voor ons werk daar zitten. Het is super gezellig, we komen eerst donderdagavond bij Mel en Gerard op bezoek in Knysna, doen half mee en kijken vooral toe bij hun Capoeira klasje en eten gezellig samen en kunnen daarna toch nog via internet ajax-barcelona kijken, een dag te laat en de uitslag weten we al maar het is tenminste iets.
De volgende dag zitten we lekker aan het strand, de winden golven zijn niet zo goed voor surfen maar in ieder geval heeft Job dan zijn wetsuit een keer uitgeprobeerd. Ik ben de dag ervoor gigantisch verbrand door een uur in bikini in de zon te liggen, met harde wind waardoor het bijna koud was, maar zonder zonnebrand, dom dom. Nu dus maar in de schaduw en met kleren aan op het strand maar het is toch heerlijk. Wat vooral ook heel leuk is, is dat Mel en Gabriel en Gerard allemaal onze leeftijd zijn, slim, en dat we sowieso redelijk om 1 niveau zitten qua denken, en niet zo ver van elkaar af staan qua cultuur. Mel is soort van half coloured half wit, de andere twee zijn coloured maar  uit de midden klasse zeg maar, en daardoor weer meer Europees in hun denken. Daardoor is het echt super interessant om met hun verhalen uit te wisselen over elkaars cultuur of culturen (want zuid Afrika heeft absoluut niet 1 cultuur, maar juist een heel scala aan culturen en subculturen)  en te discussiëren over problemen en mogelijke oplossingen, super gezellig en interessant!
Zaterdag gaan we mee naar het strand/verjaardag feestje van de dochter van Amy, een vriendin van Mel en Gerards waar we eerder een nacht hebben gelogeerd,en zondag worden we door ze naar het vliegveld van George gebracht, waar ons vliegtuig vertrekt naar Joburg en dan naar ons volgende avontuur: de GVI reünie helemaal in het Noorden, in het nationale Park en World heritage site Mapungubwe.
22 november 2013

Oktober met een auto

Na ons eerste geweldige weekend in de Hel hadden we nog de hele maand oktober een auto. Zo fijn om gewoon op elk moment boodschappen te kunnen doen, ook al is de supermarkt 75 km van ons vandaan, natuurlijk. Afstanden in Nederland en hier zijn echt een compleet ander verhaal, we zijn er eigenlijk al best aan gewend,maar dat neemt niet weg dat we soms we even terugverlangen naar de super om de hoek!

Marineweek

S_A dolfijntjesDe eerste week van oktober is het marineweek, die we afsluiten met een speurtocht voor een schoolklas uit de buurt. Het weer is prachtig en het is een groot succes, en natuurlijk voor ons ook heerlijk om een dagje aan de kust lekker buiten te zijn. Als op bestelling zwemt er een groep van een stuk of 40 dolfijnen langs de kust, net als we gaan beginnen. Walvissen zien we nu heel regelmatig, maar dit is de eerste keer dat we dolfijnen zien! In de middag is de speurtocht afgelopen, en krijgen de mogelijkheid om mee te gaan met een bootje dat de Stormsriver mouth kloof in vaart. Prachtig!
De kloof van de storms river is maar heel smal, maar wel heel hoog ingesneden in de rotswand. Op de terugweg varen we vlak langs de school dolfijnen die we eerder zagen, al met al een heerlijke dag.

Voetballen!

De volgende ochtend moeten we vroeg op, want Job gaat meedoen met het tsitsikamma voetbalteam in een competitie tegen de andere parken van de garden route. Woensdag was er een wedstrijdje tussen de brandweermannen en de rangers, waarbij job op goal stond voor de rangers, en daar zo goed presteerde dat hij volgens iedereen ‘man of de match’ was. De dagen erna komt de helft van de mannelijke rangers lang om te vragen of hij ajb ook mee wil doen met het toernooi op zaterdag. Dat is natuurlijk een ervaring waar we geen nee tegen zeggen, dus op de vroege zaterdag stappen we ineen busje dat ons naar een verscholen voetbalveld brengt vlakbij knysna. Bij het wk was dit de trainingsplek van Frankrijk, maar de sfeer waar wij in terechtkomen is ongetwijfeld beter dan die zij toen hadden. De braai voor na de wedstrijd wordt al opgebouwd en langs de lijn staan de meegereisde supporters te zingen en te dansen.
We zijn de enige twee ‘whities’ daar, wat het nog leuker maakt eigenlijk. Na een 2-0 achterstand in de eerste helft weet ons team de eerste wedstrijd met 2-4 te winnen! Job houdt zich staande in het team, om 14 uur nog steeds zonder lunch, in de zon, met geleende keepershandschoenen en op zijn gympies want helaas hadden ze geen voetbalschoenen in zijn maat… Omdat er slecht weer op komst is krijgt het team maar 15 minuten rust voor ze weer de finale moeten spelen, terwijl het andere team al anderhalf uur aan het uitrusten is! Maar ondanks dat winnen ze ook de tweede wedstrijd en dus het ‘toernooi’, al moet Job helaas afhaken omdat bij een sprongpoging zijn gympen, zonder noppen natuurlijk, wegglijden en hij met zijn hoofd op de grond knalt… Super balen natuurlijk en zelfs een heerlijke braai na de wedstrijd kan dat gevoel niet helemaal wegnemen, maar al met al wat het een heel bijzondere ervaring.

 Natures valley


Grotere kaart weergeven

In de weken erna bezoeken we een aantal plaatsen in de buurt die nog op ons to-do lijstje stonden. Allereerst natures valley; een soort vallei de kloven van twee rivieren samenkomen in een estuarium. Aan de wanden van de vallei groeit indigenous forest, en we maken een prachtige wandeling in de buurt. De rotsen hier langs de kust zijn heel anders dan bij ons in de buurt: donkergrijs/zwart met allemaal geërodeerde putten aan de bovenkant en lagen ijzer-achtig spul ertussen, af en toe zichtbaar als roestig oranje laagjes tussen de rotsen, af en toe lijkt het echt alsof we over een soort plakkaten roestig bronskleurig metaal lopen. Het geheel geeft een bijzonder effect.

Keurboomstrand

Afbeelding van: routes.co.za

Afbeelding van: routes.co.za

De volgende dag gaan we naar Keurboomstrand, om een dagje even lekker niets te doen. Zowel Natures valley als Plettenberg Bay waar we onze boodschappen doen als keurboomstrand liggen aan de andere kant van de tol. Dat is voor ons erg balen, want elke keer als we even ergens heen gaan moeten we twee keer de volle met tol betalen, het is niet afstandsafhankelijk het bedrag, alleen de locals hebben een pasje waardoor ze korting krijgen, maar wij natuurlijk niet. Oorspronkelijk war er ook een avontuurlijkere langere route door de broukrans pas, waarmee je de tol kon omzeilen, maar die is afgesloten omdat hij gerepareerd moet worden. Wij besluiten om toch eens te gaan kijken hoe ‘afgesloten’ afgesloten nou echt is, want het is wel erg aanlokkelijk om de tol te kunnen omzeilen! En ja hoor: er ligt een grote berg zand op de weg, en er staat een bord en een hekje maar daar kunnen we langs, en overheen en dan zitten we op de afgesloten bloukrans weg! Het is wel te begrijpen dat hij dicht is, want de randen brokkelen af waardoor er veel stenen op de weg liggen, en hele stukken van de weg zijn aan het verzakken. Twee rijbanen zijn er allang niet meer, maar met ons autootje komen we er prima door! Na de Hel zijn we wel erger gewend :-) . Het is een prachtige weg ook nog, echt genieten! De weg in het west-kaap stuk, na de pas is trouwens ook gewoon wel al hersteld, alleen het oostkaap stuk, aan onze kant loopt kennelijk nog achter.
Afbeelding van: www.comicvine.com

Tony Stark Mansion: www.comicvine.com

Keurboomstrand is een mooi strand met grote rotsblokken hier en daar, ook een dorpje waar stinkend rijke afrikaners wonen. Natures valley had al erg veel dure huizen, maar hier staan helemaal gigantische villa’s, a la Tony Stark mansion in Iron man…

Ook in ons oude vertrouwde Stormsriver blijken nog nieuwe dingen te ontdekken. We lopen de weg naar het vieuwpoint door het bos vlak naast ons huis, als we opeens een paadje ontdekken dat duidelijk nog in aanleg is. Op een gegeven moment is het hele pad weg, en volgen we een strook danger tape door het bos, tot we bij de rivier uitkomen, bij een prachtig ‘prive strandje’ waar we ook nog eens kunnen zwemmen! Nu maar hopen dat ze het pad nog even niet afmaken, dan blijft dit plekje nog even ons privé zwemplekje..

Winners weekend

Het derde weekend van oktober is het ‘Winners weekend’ met de 8 winnaars van de speurtocht die we hadden georganiseerd in de SANParks week in september. We gaan kamperen in Wilderness in 3 grote tenten en een kleine rondavel trekkershut. De dag van tevoren hebben de twee andere begeleiders afgezegd, typisch zoals het hier gaat, maar gelukkig hebben we na een paar telefoontjes en gesprekken drie nieuwe mensen die dolgraag een weekend mee willen als begeleiders. Dat is dan weer het leuke hier: mensen zegen misschien wel makkelijk vlak van tevoren af, maar in Nederland zou het weer heel lastig zijn om op donderdag mensen mee te krijgen voor een weekend weg dat op de volgende dag begint, hier komen ze gewoon gezellig mee. Voor ons is het ook heel fijn dat Shandro, Zoleka en Qwaita meekomen, want dat maakt de afstand tot de kinderen ook makkelijke te overbruggen. 4 van de groep zijn Afrikaans, 4 zijn Xhosa dus de voertaal is engels (gelukkig!) maar het is toch wel fijn dat Shandro ook afrikaans is, en de meiden Xhosa.
We hebben drie heel gezellige dagen gevuld met spelletjes zoals het namen-spel en een eigen gemaakte versie van weerwolven van Wakkerdam (nu dus weerwolven van Wilderness). De kids kennen de spellen niet maar doen vol enthousiasme mee. Vooral weerwolven vinden ze geweldig, al duurt het wel heel lang om het uit te leggen en moeten we een stuk of 5 keer de eerste nacht over doen, omdat mensen of “yes” roepen als ze worden omgeroepen, of dat ze toch weer vergeten waren dat ze weerwolf waren en nog een keer omdat een van de burgers het zo spannend vind dat er s nachts iemand vermoord wordt door de weerwolven dat ze haar ogen maar open doet omdat ze de spanning niet meer aankan… Maar uiteindelijk vinden ze het helemaal geweldig en doen we een heleboel rondes. Tactiek is niet echt aan ze besteed: de heks gebruikt drie keer achter elkaar de eerste nacht haar twee drankjes, ook al proberen we uit te leggen dat dit niet zo handig is, en mensen beschuldigen betekent gewoon dat iedereen heel hard door elkaar roept en naar elkaar wijst, zonder dat er overlegd wordt, niet alleen de eerste nacht maar alle nachten.. Kennelijk is de overleg-cultuur van Nederland niet helemaal aan deze kids besteed?
Ook maken we twee wandelingen door de natuur in de buurt, wat ze boven verwachting leuk vinden. Ook al wonen deze kinderen in Knysna ten midden van de bossen, ik denk dat ze eigenlijk nog nooit naar ene waterval of een mooie viewpoint gewandeld zijn, en ze vinden het geweldig. Ook het kanoën over de rivier de kloof in is natuurlijk een groot succes. S avonds rond het kampvuur wordt er gezongen en natuurlijk uitgebreid gedanst, en na een aanvankelijke terughoudendheid naar job en mij toe (we denken dat ze normaal gesproken eigenlijk gewoon niet met blanken omgaan) komen de kids uiteindelijk wel echt los, en vormen we met zijn allen een leuke diverse groep. We leren er natuurlijk ook weer dingen bij, bijvoorbeeld: cornflakes eet je met warme melk en limonade moet zo zoet zijn dat het bijna smaakt als pure siroop. Al met al een heel geslaagd weekend, en omdat we een weekend gewerkt hebben krijgen we in ruil twee dagen naar keuze vrij, wat ook weer mooi meegenomen is!

In het water

Ons tripje naar de baviaanskloof aan het eind van oktober valt helaas in het water. De baviaanskloof is een onverharde weg dooreen prachtig gebied, en t schijnt dat het een van de mooiste routes van zuid afrika is, dus die rit stond al heel lang in de planning. We komen aanrijden vanaf de oostkant, en alles lijkt goed te gaan tot vlak aan het begin van het baviaanskloofnatuurgebied worden tegengehouden: de weg aan de oostkant is zo slecht dat we daar met onze auto niet door kunnen, 4×4 is echt een vereiste. De westkant is beter, maar dat is nu zo ver weer terug rijden dat dat helaas geen optie meer is. De baviaanskloof blijft dus bovenaan onze lijst staan, desnoods huren we een 4×4 voor 1 weekendje maar we gaan hem sowieso nog een keer doen!
area_map
22 november 2013

Jobs ouders op bezoek

Begin November komen Jobs ouders naar Zuid Afrika. ze reizen vanaf Capetown naar Stormsriver, om dan na een week weer naar Addo elephant park door te reizen, ook voor een week. Omdat we Capetown ook nog graag willen zien en dit een mooie gelegenheid is, rijden we eind oktober met ons huurautootje die kant op. Dat wordt de laatste tip met onze eigen auto, want begin november moeten we hem weer inleveren, dus we besluiten er het meeste van te maken en de tocht naar Capetown via de alternatieve route te rijden, met 2 overnachtingen onderweg. Die route loopt via route 62, een beetje het Zuid Afrikaans equivalent van route 66 in de VS, en omdat hij door de klein Karoo loopt ook qua landschap vergelijkbaar: uitgestrekte vlaktes met kale bergen aan de horizon: een prachtige achtergrond voor een roadtrip!

We overnachten de eerste nacht in een relatief ‘oud’ huis in Oudtshoorn, in een sympathieke backpackers waar we ook al meteen een tip krijgen van een grappige oude vrachtwagenchauffeur die op vakantie is, voor een backpackers in mosselbaai op de terugweg: een oude slaaptrein die daar aan het strand staat en waarvan de oude coupe’s zijn omgebouwd tot miniscule kamertjes. De volgende dag zitten we vooral in de auto, maar de reis onderbreken we nog wel even voor het bezoek aan de warme bronnen onderweg. Het stelt niet veel voor: 2 zwembaden met warm water uit de warme bron, en een gewoon zwembad met relatief koud water. Ik merk maar weer eens dat ik echt geen geduld heb voor sauna-achtige taferelen, ook al is het warme water best lekker en ontspannend, na 5 minuten heb ik dan eigenlijk alweer gehad… gelukkig is het in de openlucht, dus kunnen we ook lekker in het zonnetje liggen en mensen kijken natuurlijk. Ligt het nou aan ons of trekken dat soort plaatsen toch vaak bovengemiddeld vreemde types aan? We verbazen ons over een soort yogaklasje met een hele hoop dikke dames en 1 man en een over-enhausiaste leidster die er op aandringt dat de participanten allemaal dingen doen die ze duidelijk niet echt kunnen (optrekken aan de stang aan de rand van het zwembad bijvoorbeeld) waardoor eigenlijk niemand van het klasje doet wat ze zegt.

‘s Avonds slapen we in het lieflijke Montagu, dat er uitziet als een soort oud Amerikaans-koloniaal dorpje, in een huisje wat omringt is door pauwen. Prachtige beesten natuurlijk, maar het geluid dat ze maken is werkelijk niet om aan te horen. De eigenares vertelt ons dat de pauwen een soort van plaag aan het vormen zijn: elk jaar zijn het er meer en meer en haar zoon die vroeger de eieren raapte (die ze klaarblijkelijk heel goed verstoppen, net als de jonge pauwtjes de eerste weken na t uitkomen) is vertrokken..  ow jee een pauwenplaag, ik vraag me af of ze lekker smaken?

De volgende dag begint de auto een vreemd geluid te maken, een soort aanlopen-schaap geluid wat langzamerhand sterker wordt, alsof er ergens steen over metaal schraapt. Het is een paar dagen voor we de auto in moeten leveren, en het rijden wordt niet beïnvloed, dus hebben niet zo’n zin om naar de garage te gaan. Na een belletje met de verhuurder zijn we gerustgesteld dat het waarschijnlijk een steentje is, ingebed in de remschijf. Het schijnt vaker gebeurd te zijn en vrij onschuldig, maar het rijdt niet zo rustig natuurlijk, arm autootje.

Jobs ouders zijn 6 uur vertraagd met hun vlucht vanuit Johannesburg, dus we kunnen het ook rustig aan doen, we omzeilen de tolweg en gaan via de pas, die compleet in de mist en de regen ligt, want het weer is inmiddels omgeslagen van lekker naar  dikke buien. Tussen de buien door bekijken we nog even Stellenbosch, het een na oudste stadje van Zuid-Afrika na Kaapstad, en de bekendste universiteitsstad van het land. Het is er ook prachtig: eindelijk een stadje met een echt centrum en overal mooie oude huisjes.

De meeste steden en dorpen zijn hier natuurlijk helemaal net oud, en dus gebouwd naar Amerikaans model, waarbij alles gericht is op de auto. Dus geen gezellig centrum met een pleintje en terrasjes, maar een grote winkel Mall buiten de stand. En weinig plek om als voetganger gezellig rond te lopen. De natuur is hier prachtig maar wat steden en leuke stadjes/dorpjes betreft kan zuid Afrika echt totaal niet concurreren met Europa. Wij missen dat gezellig ‘stadgevoel’ echt, maar hier weten ze natuurlijk niet beter en schijnen het niet te missen, gek hoeveel verschil het dan maakt waar je aan gewend bent!

Stellenbosch maar vooral Kaapstad zijn uitzonderingen op deze regel. Kaapstad zelf is eigenlijk maar heel klein, ingeklemd tussen de tafelberg en de zee, maar wel relatief oud en levendig. Niet voor niets zijn veel zuid Afrikanen zo trots op deze stad, hij heeft wel echt karakter. Kaapstad doet  Europees aan, heeft mooie oude huizen, en een bruisende gay scene. Het is leuk om eindelijk veel meer gemengde donker-blanke stelletjes en vriendengroepen over straat te zien lopen. Het is in veel wijken absoluut niet veilig op straat ‘nachts, en ook hier zijn natuurlijk grote buitenwijken met townships, maar in het uitgaanscentrum (wat eigenlijk vooral 1 straat is: Longstreet, ook de straat waar we de eerste nacht aan slapen in de dorm van onze Backpackers) is het zo druk dat zelfs meiden ‘s nachts alleen over straat kunnen.

We halen Jobs ouders op van het vliegtuig met het idee om samen wat te eten, maar na alle vertraging, het ophalen van de huurauto en daarna het meerdere keren verkeerd rijden op zoek naar hun bed and breakfast die ergens best ver in een buitenwijk blijkt te liggen, besluiten we om de volgende morgen af te spreken. Job en ik gaan om 22 hr op zoek naar iets te eten in Longstreet, waar gelukkig nog een Burgermeester achtig restaurantje open is waar we heerlijke hamburgers eten. Het druipt ondertussen van de regen, en voor de volgende dag is hetzelfde voorspeld, maar so far so good!

De volgende dag verkassen we naar een ander hostel, waar we de auto wel voor de deur kunnen zetten, want bij ons eerste plekje kon dat niet en de parkeerplekken op een parkeerterreintje in de buurt zijn allemaal al gereserveerd. We zitten nu aan de andere kant van de ‘Gardens’, een stuk groen midden in capetown waar alle overheidsgebouwen te vinden zijn, maar ook de musea, en de gardens zelf zijn ook prachtig, alla Engels tuinen. In de druipende regen rijden we naar het natuurgebied van Cape point, waar ook Kaap de Goede Hoop zich bevindt onder andere.

Eerste stop onderweg is Boulders beach, waar zich een grote wilde pinguin kolonie bevindt. Werkelijk 1000 pinguïns lopen daar rond, en de geur is natuurlijk niet te harden, al went het wel gelukkig. Deze maand is het kennelijk rui maand, want overal zien we de vogels ten midden van hoopjes veren staan, en de beestjes zelf zien eruit als een soort ontplofte plofkip;  ze zijn fluffy en nogal gehavend. Het duurt wel een maand voordat hun waterdichte verenpak terug groeit en al die tijd kunnen ze niet zwemmen en dus niet jagen en eten. Omdat het regent staan er dus overal koddige pluizige pinguins een beetje te bibberen. Weinig actie, maar erg schattig, dat wel.

Bij Cape point aangekomen gaan we natuurlijk De Kaap bekijken, en door het woeste weer is het uitzicht helemaal indrukwekkend. Vanaf de hoge kliffen kijk je uit over een oceaan die doorloopt tot Antarctica, met woeste wolken erboven en af en toe een plekje waar de zonnestralen doorbreken, prachtig! Als het even opklaart tussendoor zien we ook nog twee walvissen zwemmen. De walvissen waren toch wel een van de redenen voor Jobs moeder (Jet) om zo ver te reizen, dus voor Jobs ouders is het ook meteen genieten geblazen. Die avond eten we in het Afrika café waar we allemaal kleine hapjes uit heel Afrika voorgeschoteld krijgen. Het is misschien wel wat toeristisch, maar ook heel gezellig en erg lekker en bijzonder.

De volgende dag is het weer in Capetown zelf al flink opgeklaard, maar het waait flink hard, en Table mountain in nog geheel gehuld in wolken. Dat schijnt wel vaker zo te zijn; de mythe is dat een Nederlandse piratenkapitein de duivel had uitgedaagd voor een wedstrijd pijproken, en ze zijn vandaag de dag nog steeds bezig :-) Door het slechte weer en de harde wind gaat de kabelbaan naar boven niet, maar lopend kan ook dus we laten ons niet weerhouden en beginnen aan de tocht naar de top. Eerst hebben even een flinke klim, maar daarna volgen we een stuk een valk pad op 1 hoogte. Door de regen is het pad helaas op veel plekken in een riviertje veranderd, ook moeten we op een gegeven moment achter een waterval langs dus helemaal droog houden we het niet.

Dan komen we de hoek om bij een vallei en zien we ze voor het eerst: The stairs… Up up up we go, en aangezien de trap eindeloos door lijkt te gaan en we al snel in de wolken belanden waar we maar kleine stukjes vooruit kunnen kijken, waar de regen om je oren slaat en de wind je weer de berg af dreigt te waaien, is het niet zo gek dat we het gevoel hebben naar Shelob’s Lair te klimmen in Lord of the Rings. Gezien de teksten die her en der op de stenen treden zijn geschreven zijn we bovendien niet de enigen met die associatie. Het is echt flink zwaar, maar we zetten natuurlijk door en bovenaan worden we beloond: het wolkendak wordt door de wind af en toe open gewaaid en dan zien we beneden ons opeens Capetown liggen, en de zee badend in het zonlicht onder een stralend blauwe lucht, want daar beneden is het een prachtige dag geworden. Het uitzicht duurt staads maar een paar seconden en dan komen de wolken weer aangeraasd op de wind en is de wereld om ons heen weer grijs. Prachtig! De tocht naar beneden valt nog niet mee: de traptreden zijn flink hoog, en de wind is verraderlijk, maar als we later die avond bij de Waterfront op een terrasje zitten in het zonnetje met ene lekkere Catch of the day en een prachtig uitzicht op De berg, nog steeds in wolken gehuld, dan is de voldoening het meer dan waard.

De volgende ochtend worden we bij vertrek aangenaam verrast door een uitzicht op een totaal wolkenloze Table mountain, eindelijk! Het is een mooie achtergrond voor onze terugtocht richting de Garden route, via Hermanus (wat de walvis hemel zou moeten zijn, maar waar we helaas alleen in de verte een walvis rond zien springen) en Mosselbaai, waar Job en ik in het treinwagon hotel slapen wat ons was aangeraden, wat inderdaad heel sfeervol is. In Tsitiskamma slapen Jobs ouders bij het Storms River Mouth restcamp prachtig aan zee, en ze wandelen elke dag alle routes in de buurt (en zien al de eerste dag een hele hoop walvissen springen, vlak voor de kust, dus dat maakt Hermanus weer helemaal goed). Job en ik lopen regelmatig mee, en we eten vaak samen dus het is een supergezellige week.

Het laatste weekend, vlak voor Jobs ouders door reizen naar Addo elephant Park rijden we terug naar Mosselbaai om te zwemmen met witte haaien, in een kooi. Wij dan, de haaien zwemmen vrij rond natuurlijk. We varen richting Seal island, vlak voor de kust van Mosselbaai, een soort grote rots in flink diep water helemaal vol met zeehonden. En om die rots, op zoek naar een lekker hapje zeehond, of misschien een snackje Nederlander zwemmen de haaien. Vooral als we ze net zien is het even slikken: wauw… Ze zijn nog niet eens volwassen, volgens de schipper, maar toch een meter of 3 a 4 en als een soort sierlijke schaduwen zwemmen ze rond de boot, van waaruit een grote vissenkop aan een touw in het water is gegooid om als lokaas te dienen. Er gaan drie shifts naar beneden in de kooi, en  Jobs vader Johan en ik zitten in de laatste shift. Gek genoeg is het in het water totaal niet eng. Wel indrukwekkend en gaaf, maar niet eng, zelfs als de haaien het lokaas aanvallen waarbij de met hun kop tegen de kooi aanbeuken, zelfs een vin naar binnenglipt waardoor ik hem zo zou kunnen aanraken (maar dat doe ik niet want dat mocht niet). We zien alleen maar hoe prachtig mooi die dieren zijn, hoe indrukwekkend en snel en sierlijk in hun jacht. Een beetje zoals een jagende leeuw op safari in de auto ook mooi en indrukwekkend is, maar niet eng want je zit toch veilig. Zonder auto en zonder haaienkooi wordt het natuurlijk een heel ander verhaal… een geweldige ervaring al met al. En een hele leuke anderhalve week met Jobs ouders!