dec 08

Mapungubwe

door in Reisverslag Job & Frouwke

Aangekomen in Joburg worden we opgewacht door Milanie van GVI, en verrassend genoeg ook door een groepje van 4 Duitse 18 jarigen. We wisten niet dat onze reünie gecombineerd zou worden met een andere groep, en in het begin valt dat even tegen, omdat ze zo jong zijn (net klaar met middelbare school) en vooral omdat ze steeds stug Duits blijven praten met elkaar, een beetje vreemd in een groep met 1 zuid afrikaan, 2 Nederlanders, 1 Engelsman en een Australische. Uiteindelijk trekt dat gelukkig wel wat bij en is het best gezellig, maar het is toch vooral heel leuk om Alintha en Jon en Milanie weer te zien, het groepje waar we de eerste 2 weken in Kruger ook mee begonnen waren.

Van Joburg naar Mapungubwe

Er worden natuurlijk heel veel verhalen uitgewisseld, waar we ook ruim de tijd voor hebben want het is 7 uur rijden is een volgepakt gammel busje, van Joburg naar Mapungubwe, helemaal aan de grens met Zimbabwe en Botswana. Het blijkt al snel dat de ervaringen enorm verschillen. Alintha heeft het is de rotsige hitte van Augrabies heel druk gehad met projecten, en heeft heel veel plezier gehad met haar werk, maar aan de andere kant leeft ze heel erg afgelegen en heeft ze eigenlijk bijna niemand leren kennen daar behalve haar begeleidster. Ze blijft voor een hele jaar en heeft nog even de tijd, maar dat is wel heel anders dan onze ervaring met eigenlijk vrij weinig werk maar heel veel sociale contacten. John heeft echt best wel pech gehad: in zijn eerste park Bontebok was zijn begeleidster met zwangerschapsverlof en kwam daarna niet meer terug, waardoor hij echt compleet niets te doen had. Ook zijn accommodatie was erg slecht en Bontebok park is echt piepklein. Uiteindelijk is hij in opstand gekomen, en is hij na 2 ,5 maand overgeplaatst naar West Coast national park, het park waar wij eerst heen zouden gaan. Dat was wel iets beter, maar er was nog steeds haast niets te doen, en alle groepen kinderen die daar het park in komen zijn witte kinderen van rijke private schools, wat natuurlijk eigenlijk helemaal niet de bedoeling is. Job en ik waren al met al erg blij dat we onze plaatsing in West Coast niet geaccepteerd hadden! We hebben het absoluut werk technisch niet zo uitdagend gehad als Alintha, maar juist onze contacten met buren en vrienden van alle achtergronden maakten ons verblijf zo gaaf.

Bontebok

Grotere kaart weergeven

Het enige soort van minpunt wat we ons wel weer beseffen op deze reis naar het noorden, is hoe weinig ‘Afrikaans’ de Garden Route en sowieso de hele West Kaap en ons stukje Oost Kaap aanvoelt. De landschappen zijn prachtig, maar toch totaal niet zoals je je Afrika voorstelt, en de cultuur ook niet echt. Onderweg naar het noorden komen we door landschappen die echt 100% Afrika uitstralen, met drukke stadjes onderweg waar alleen maar zwarte Afrikanen wonen, stalletjes met fruit en vers geroosterde kippen lang de weg.. (Zo vers zelfs dat we er een zien ontsnappen, maar die wordt door een stel kindertjes snel weer gevangen en terug aan moeder gegeven om te killen en te plukken en daarna te roosteren). Bij ons in de buurt zijn wel townships en zo, maar deze gezellige chaos die zo super Afrikaans aandoet kennen we niet van onze omgeving. Waarschijnlijk hebben we daardoor ook weer zo makkelijk vrienden kunnen maken, maar terwijl we door dit landschap rijden voelen we wel even een steekje van…zeker geen spijt, maar meer iets van  ”Hoe cool was het geweest als we hier hadden gezeten”. De rest van ‘diep donker Afrika’ zien blijft zeker op ons wensenlijstje staan.

Pech onderweg

Ongeveer halverwege krijgt ons busje een lekke band, maar met behulp van Job en een steen als aanvulling op de slechte handrem is dat redelijk snel gerepareerd.
Mupungubwe zelf is ook prachtig: het lijkt een klein beetje op het Krugerpark, maar met wat minder veel wilde beesten. Er zijn geen buffalo, cheetah of wild dogs, officieel wel leeuwen maar zo weinig dat de kans dat je er een ziet bijna nihil is (net zoals bij luipaarden trouwens, die zitten in heel zuid Afrika, ook bij ons in de Garden route en hier in Mupungubwe, maar de kans dat je ze ziet is heeeel klein). Er zijn wel giraffen, olifanten, neushoors, wrattenzwijnen, zebra’s super veel soorten bokkies, allerlei soorten vogels dus al met al is er genoeg te zien, zeker omdat het nu lente is geweest en er dus overal kleintjes rondlopen. Een baby impala is echt gewoon super cool om te zen, ook al hebben we al 1000en volwassen exemplaren gezien, voor een bambi achtig baby impalaatje stoppen we toch de auto! Ook baby girafjes, olifantjes, zebraatjes in het park zijn allemaal super cute om te zien.
MapungubweHillMaar vooral het landschap van Mapungubwe is ronduit geweldig. Mooier nog dan Kruger, met prachtige uitzichten, rode rots formaties, en boven alle andere boompjes en planten uitstekend: baobabs! Wat een geweldige bomen zijn dat!met super dikke vette stammen, en dikke takken als een soort mollige baby armpjes. Een groot deelvan het jaar zijn die takken kaal, maar het is hier nu regenseizoen, dus alles wat groeit is groen, zo ook de baobabs. Ook de Rock Figs vind ik trouwens prachtig, hoe ze zich met hun wortels vast lijken te klampen in de kleinste spleten, en dan als een soort rijzend brooddeeg uitpuilen met diezelfde wortels om maar houvast te hebben… Wat een omgeving!

Olifantenstront

De restcamps waar we overnachten zijn ook prachtig, veel ruimer en meer luxe dan Kruger, en zonder hek er omheen! De eerste 3 nachten slapen we in het main restcamp, in een groot luxe huis, met veranda en het beste: een douche buiten, met houten stammetjes er o heen waar je overheen kan kijken naar het landschap om je heen: prachtig!  ’s Nachts komen de olifanten langs ( te zien aan hopen stront en vernielde takken de volgende dag). De laatste nacht slapen we in een ander gedeelte van het park, in een ‘tentenkamp’. Nou ja, tenten, het dak is tentzijl, de onderkant hout met eigen keuken en badkamer, weer luxe en prachtig. Behalve game drives en wandelingen bezoeken we het museum daar, want Mapungubwe is vooral beroemd en wereld erfgoed vanwege Mupungubwe hill, waar de resten zijn gevonden van het eerste zuidafrikaanse koninkrijk. Ongeveer 1000 jaar geleden. Artefacten uit graven en opgravingen worden tentoongesteld in het museum, en we krijgen ook een tour naar de heuvel zelf. De koninklijke familie leefde boven op de heuvel, de gewone mensne aan de voet van de heuvel. Op de heuvel zijn nog oude voorraad kamers in de rots uitgehouwen en gaten in de roten om palen in te zetten, en zelfs een soort oud spel met kleine kuiltjes in de rots met steentjes erin te zien. De gids is erg goed, en heeft een goed logisch kloppend verhaal met veel humor, een stuk beter dan we in Kruger hadden.

(Weer) pech onderweg

Om een nieuwe reserveband te halen gaan we met een klein groepje naar Musina, het dichtbijzkijndste (70 km) wat grotere dorp, vlak aan de grens. Milanie vindt het er maar eng, de borden langs de weg met “don’t stop high crime zone” helpen vast ook niet. Ik vind het eigenlijk juist wel gaaf: het is hier ongetwijfeld crimineel (veel neushoorn stropers schijnen hier de grens over te gaan)en ‘ s nachts of in m’n eentje zou ik het misschien niet zo fijn vinden, maar in een busje met 6 mensen is het juist een avontuur! Het is echt een ‘wilde westen’ achtige chaos, overal verkeer op de stoffige wegen, stalletjes met eten en spulletjes langs de weg en mensen die met dozen gekookte eieren rondlopen. Je kan zo’n ei kopen per stuk, wat kruidenzout erover en dat is dan een lekker snackje natuurlijk.  Ik kijk m’n ogen uit! Twee dagen later hebben we trouwens weer een (andere) lekke band, dus de trip naar Musina op zoek naar een reserveband was zeker niet voor niets.
Ondertussen is Jon steeds opzoek naar slangen overal, want hij is gek op die beesten, maar natuurlijk ben ik degene die ‘s nachts bij het licht van m’n telefoon naar huis loopt en een super grote lange black mamba tegen komt midden op het pad… Ik had natuurlijk een foto moeten nemen maar in plaats daarvan ben ik gillend en vloekend weggerend, ik schrok me echt dood. De slang ook want als we even later met Jon terugkomen is hij nergens meer te bekennen.

Nelson Mandela

De laatste ochtend 6 december vlak voor we terug rijden horen we van Milanie dat Nelson Mandela is overleden, best onwerkelijk. Alle kranten gaan erover,en overal hangen teksten en zo, maar bij de mensen zelf merken we niet veel. We vliegen morgen van joburg naar Capetown, misschien dat er daar meer te merken is, of anders straks thuis in de Eastern cape waar Mandela vandaan komt.. Voor nu sluiten we onze week af met een bezoekje aan de GVI thuisbasis in het private reservaat Karongwe, waar de meeste andere  projecten van GVI plaatsvinden (en waarvan we blij zijn dat we daar niet tussen zitten; 35  man in slaapzalen in een best klein gebouw, zonder contact met de lokale bevolking).

Reacties zijn gesloten.