6 oktober 2013

De Big Five voor thuisblijvers

Op safari in Zuid Afrika ga je natuurlijk maar met één doel: de “Big Five” spotten. Onder andere in het Kruger National Park is dat mogelijk, want daar leven de grootste dieren van Zuid Afrika: leeuwen, olifanten, luipaarden, neushoorns en buffels. Om straks de herinneringen aan deze dieren levensgroot aan de muur te kunnen hangen hebben we een aantal tips verzameld.

leeuw

Apparatuur
Een goede voorbereiding is het halve werk. Zorg daarom dat je niet alleen een opgeladen accu hebt, een lege geheugenkaart, de nodige lenzen (denk aan een telelens), maar dat je ook alle mogelijkheden van de camera kent zonder de gebruikshandleiding erbij te pakken. Anticipeert op tijd en zorg dat je niet meer van lens hoeft te wisselen of de instellingen moet aanpassen op het moment dat je voor een kudde dieren staat.

Goed opletten
Een kudde olifanten mis je niet snel tijdens een safari, maar een leeuw of luipaard sluipt door het gras. Die zie je dus snel over het hoofd, want een stukje staart of een paar oren vallen veel minder op. Neem daarom de tijd om te kijken. Wil je dichterbij komen, om een goed shot te maken? Zorg er dan voor dat je heel rustig het dier nadert in de auto en voorkom onverwachte bewegingen en geluiden. Als het dier schrikt neem het de benen zonder dat je een foto hebt kunnen schieten. Hou wel gepaste afstand, zeker bij jonge dieren reageren de ouders vaak agressief.

Geduld
Terug van safari wil je natuurlijk niet met dezelfde foto’s thuiskomen als de buurman. Het kan lonen om geduldig te wachten tot het dier een onverwachtse beweging maakt of tot de kudde in beweging komt. De foto’s worden saai wanneer je de dieren altijd precies in het midden fotografeert. Probeer dus te spelen met compositie of zoom eens in op bijvoorbeeld de poot van een olifant of leeuw. Gegarandeerd dat je met een bijzondere fotocollectie thuiskomt.

jeep_safari_foto